De Hoeder van Het Woud


Augustus 2010, in een Zweeds woud nabij Kolarbyn. Het lijkt een eeuwigheid geleden, maar in mijn herinnering was het gisteren. Ineens stond hij voor me. Geruisloos als een vallend blad en uit het niets verschenen als een luchtspiegeling. Ik had hem niet horen aankomen. Hij stond gebogen en oud, leunend op zijn kromme Hazelaarstaf, en tegelijkertijd jeugdig huppend van zijn ene op zijn andere been. Zijn baard kwam tot zijn knieën.

Verrast en van mijn apropos gebracht stotterde ik "W-W-Wie ben je?". Met een blik van "Nou ja, alsof dat niet duidelijk is..." antwoordde hij "Ik ben De Hoeder van Het Woud. Nee, niet De Heerser, maar De Hoeder. Het Woud is er niet voor mij, maar ik ben er voor Het Woud. Ik ben er onderdeel van".

Nog steeds zwaar ademend vroeg ik "E-En wat doe je dan?". Hij keek me doordringend aan en stak fier zijn wijsvinger op "Ik aanbid Het Woud! Ik ga ervoor op mijn knieën, zodat ik het jonge leven laag bij de grond kan verzorgen. En ik ga ervoor staan! Zodat ik het kan beschermen tegen kwade machten van buitenaf! Ik vereer Het Woud als mijn God! Deze Woudreuzen zijn de pilaren van mijn kerk. Nee, lach maar niet! Ik kan tenminste bewijzen dat Het Woud bestaat!".

En zo plotseling als hij voor me stond, zo plotseling was hij weer verdwenen. Een laatste ruis van bladeren, een krakende tak, en het was weer stil.

Nu jaren later denk ik nog vaak aan hem. Vooral als ik thuis bij mijn vuurplaats zit. Terwijl de schemer valt en de bosuil de nacht verwelkomd met zijn spookachtige oehoe, dan trek ik mijn deken wat strakker om mij heen en gooi nog een blok hout op het vuur. Ik begin eindelijk een beetje te begrijpen wat hij bedoelde...

Blogposts gratis in je e-mailbox?


Delivered by FeedBurner

Geen opmerkingen:

Een reactie posten