"Kijk hem nou lopen, Popie Jopie, ga toch naar de kapper man!"

De woorden galmen nog na. Regelmatig krijg ik op straat en zonder aanleiding opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd. Vooral op onbewaakte momenten als ik in gedachten verzonken ben. Ik ben eraan gewend om niet in het wereldbeeld van anderen te passen. En om eerlijk te zijn, ik doe er geen moeite voor en het heeft voordelen. Mensen laten mij hun ware aard zien.

Door de jaren heen heb ik een heel arsenaal aan non-verbale reacties opgebouwd om ermee om te gaan. Ik ben niet van steen, maar veel opmerkingen verdienen niet meer aandacht dan een blik als "Ik heb je gehoord, gezien, en je verspilt je moeite". Doorlopen is key, want praten levert niets op en een seconde later is iedereen het toch weer vergeten.

Dit keer was het anders. Een zwerfster sneed me de pas af. Ik had haar in de verte al zien aankomen, vragend om "een eurootje voor de opvang en ze moest er nog maar één". Ze was in haar slachtofferrol en speelde goed in op emoties. Velen gaven haar. En ik kan slecht tegen mensen die op mijn emoties inspelen. Die ene euro had ze al een paar keer gehad, dus bij mij zou ze een ander verhaal moeten hebben.

"Eurootje meneer? Voor de opvang, ik hoef er nog maar één". Verzonken in mijn telefoon "Nee". Ik hoef haar niets uit te leggen. "Maar meneer, nog maar één euro...". Ik kijk op "Nee, ik geef u geen euro. Prettige dag mevrouw". Het is olie op het vuur...

"Een prettige dag? Hoe denken jullie dat ik een prettige dag kan hebben!". "Jullie?" vraag ik me af. Ze veranderd van een slachtoffer in een roofdier. Haar ware aard. Ze is nu vastbesloten om me op alles te pakken wat ik ga zeggen of doen. Ik zeg niets, maar mijn houding verraad dat ik hier niet op zit te wachten.

"Met je dure telefoon!" daagt ze me uit. Mijn verbazing stijgt en ik bedenk me dat mijn 5 jaar oude telefoon niet veel meer waard is. Maar in haar blik zie ik geen rede en ze stelt zichzelf geen vragen. Ze kijkt alleen maar naar de materiële oppervlakkige wereld. Haar wereld is strijd, wij tegen zij, en daardoor krijgt alles wat ze waarneemt een negatieve betekenis.

Ik verbreek het contact, schud mijn hoofd, en loop weg. Ik ben met heel andere dingen bezig. Dan verspert ze me de weg en probeert omstanders voor zich te winnen. Blazend als een kat "Kijk hem nou lopen, Popie Jopie, ga toch naar de kapper man!". Even schiet de gedachte door mijn hoofd om te zeggen "Mevrouw, daar heb ik geen geld voor" maar ik hou me in. Ik weet dat ik mijn krachten niet ken als ik los ga en dit is niet het moment.

Opeens loopt er in mijn gedachten een grote grizzlybeer voor me uit. Niet agressief, maar wel massief en indrukwekkend. Dat doet blijkbaar iets met mij, want de zwerfster gaat achteruit en voor me opzij. Ze blijft me dingen naroepen, maar ik blijf doorlopen. De zon schijnt, het is lekker weer en waarschijnlijk schat ze me in als een populair iemand die heel succesvol is. Dat zie ik dan maar als een compliment. :-)

Ik heb lang nagedacht waarom deze ontmoeting zoveel met me deed. Waarom gaf het me zo'n gevoel van onmacht? Het was sowieso het contrast van mijn wereld met die van haar. Haar wereld een strijd van survival, mijn wereld een ontdekkingsreis en spelen. Als ik een probleem heb, dan lost het niets op om anderen de schuld te geven. Ik kom zelf in actie.

En daar zit hem de clou: Waar begin je als mensen hun slachtofferrol tot identiteit hebben verheven en zichzelf het verhaal vertellen dat ze geen mogelijkheden hebben? Ik kan mensen daarbij helpen, maar dan moeten ze wel eerst een hulpvraag hebben. Ik los geen problemen voor anderen op, maar ik laat je je eigen mogelijkheden ontdekken waar je zelf nog niet aan gedacht had.

Blogposts gratis in je e-mailbox?


Delivered by FeedBurner

Geen opmerkingen:

Een reactie posten